038-4270410    info@crb-ngk.nl

Kerk zijn in Zuid Afrika, naast én met elkaar.

De witte Gereformeerde Kerk van Pretoria West krimpt. Maar in hetzelfde gebouw komt ook een zwarte gemeente samen, die groeit. Dit is het verhaal van twee kerken in Zuid-Afrika die zich niet meer laten begrenzen door cultuur, taal of geschiedenis.
Commissielid Marjan van der Lingen bracht een bezoek aan Pretoria en deelt het volgende verhaal:

 

 

Het is zondagochtend. Dominee Desmond Magayisa staat om acht uur stipt voor de deur. Hij straalt de rust uit van iemand die weet dat haast zelden helpt, maar toch op tijd wil zijn.

We rijden naar Pretoria West, naar een kerk die in 1951 werd gebouwd voor een witte Afrikaanse gemeenschap die toen nog groeide. Nu krimpt ze.
De geschiedenis ademt door de muren, maar de toekomst klopt er ook al zachtjes tegenaan. In dezelfde kerk worden tegenwoordig twee diensten gehouden. Om negen uur de Afrikaanse dienst voor een vergrijzende, witte gemeenschap, onderdeel van de Gereformeerde Kerke (ook wel de Dopperkerken genoemd). Daarna om elf uur de Engelstalige dienst voor een groeiende, zwarte gemeente. Twee werelden onder één dak, elk met hun eigen ritme, maar gedragen door dezelfde God.

‘Het voelt als familie’

Bij binnenkomst word ik begroet met een warm: ‘Baie welkom, ons is bly jy is hier.’ Mijn Nederlands wordt hier prima begrepen.

Lourens Beste – al jaren aangesproken als Louw – is tachtig, haast net zo oud als het kerkgebouw dat hem zo dierbaar is. Hij vertelt het zonder trots, maar met een glimlach die verraadt dat hij het zelf ook bijzonder vindt. Zijn Bettie, zijn ‘engel’, staat naast hem. Zij noemt hem haar ‘beste’. Ze komen hier al decennia. Hun kinderen groeiden op in deze kerk.

De gemeente is kleiner geworden, ouder ook. Maar de trouw is gebleven. ‘Het voelt als familie’, zegt Louw. ‘We kijken naar elkaar om.’ En, bijna terloops: ‘We zijn blij dat dominee Desmond hier de Engelstalige diensten doet. Zijn gemeente groeit. Zo heeft dit gebouw toekomst.’

Net als vroeger

In de Afrikaanse dienst om negen uur lijkt alles er nog precies zo aan toe te gaan als tachtig jaar geleden. Er worden psalmen gezongen; het orgel begeleidt. De gemiddelde leeftijd is hoog. De sfeer is gemoedelijk en ingetogen – een naar binnen gerichte, maar veilige plek.

Na afloop komt Elsa Steynberg voorzichtig de trap naar het orgel af, geholpen door een ander gemeentelid. Ze speelt hier al sinds haar achttiende op het orgel. Ze kent de trap als geen ander. Kanker en neuropathie hebben haar lichaam aangetast, maar niet haar moed. Ze glimlacht terwijl ze voorzichtig en langzaam afdaalt. Het kost haar moeite, maar die is het haar waard.

Bij de koffie – met taart, omdat er vandaag een gast is – is de liefde voor deze plek te proeven.
Een gemeentelid wijst trots op de pas geschilderde muren. ‘We willen het mooi achterlaten’, zegt hij. ‘Als wij stoppen, kan de gemeente van dominee Desmond hier verder.’

Er zit verdriet in die woorden, maar ook iets groots. Een soort geloof dat niet vasthoudt, maar doorgeeft. De krimp is voelbaar, maar niet bitter. De dankbaarheid overheerst.

Een dienst die danst

De Engelstalige dienst begint om elf uur. Ook na elf uur komen er mensen binnen- druppelen, maar niemand lijkt dat erg te vinden. De sfeer is open, fris, verwachtingsvol. Dominee Desmond speelt op de elektrische piano, zijn vrouw zingt.
De preek gaat over vreugde te midden van moeite. Over pijn, die niet het laatste woord heeft. Over Gods plannen, die groter zijn dan onze zorgen. Het klinkt eenvoudig, maar het landt.

De gemeente zingt staand, danst na de collecte en beweegt zonder schroom. Armanda Mogotsi, 67 jaar, zit met open handen te bidden. Ze is gescheiden en heeft een zoon. Haar vader was vroeger evangelist in de Dopperkerken. Zijn naam was Johannes Japie Molefe. Ze straalt als ze over hem vertelt.

In 2022 is ze als eerste, samen met acht anderen, naar deze kerk gekomen. ‘Deze gemeente voelt als familie’, zegt ze. ‘We zorgen voor elkaar.’ En dat doet ze zelf ook voor de mensen buiten de kerk: ze gaat de straat op om met mensen te praten en voor hen te bidden.

Achter de beamer zit Wanga Tshikovhi, 21 jaar. Een filmstudent met toekomstdromen. Voordat ze in deze kerk kwam, ging ze met haar ouders naar een welvaartsprofeet. Veel mensen in Afrika willen, vaak tegen betaling, spectaculaire wonderen zien. Er gebeurden bizarre dingen. Ze verloor haar vertrouwen, haar geloof, bijna zichzelf. Ze kreeg problemen thuis en op school. Tot een vriendin haar meenam naar deze gemeente. Nu komt ze hier elke week. In december werd ze gedoopt. ‘Hier voel ik me thuis’, zegt ze. ‘Hier groei ik.’ Haar ouders zien het ook. Dominee Desmond helpt bij het herstel van de band met haar ouders. Waar veel mensen naar spectaculaire wonderen op zoek zijn, zien ze hier iets anders als het grote wonder: een verandering van de gesteldheid van het hart.

Dominee Desmond vertelt hoe de gemeente bijna bezweek onder haar eigen vrijgevigheid. Ze wilden iedereen helpen, ook financieel bij begrafenissen – die kosten veel geld; vaak krijgen mensen ondersteuning van vrienden, en zo wilde de kerk ook bijspringen.

Maar de nood was groter dan hun draagkracht. ‘We baden om wijsheid’, zegt hij. Galaten 6 vers 10 bracht richting: goed doen aan iedereen, maar eerst aan de eigen geloofsgemeenschap. Niet als beperking, maar als ordening. Het werkte. Mensen werden lid van de kerk. De betrokkenheid groeide. De kerk groeide. Er kwam balans tussen zorg voor binnen en buiten.

Voor kerkleden zijn er leiderschapstrainingen, bijbelstudies, gesprekken met jongeren over drugs, drank, seksualiteit en sociale media. Voor de buurt zijn er sportactiviteiten, naschoolse opvang en online bijbelstudies.

Iets nieuws

Sommige krimpende kerken in Zuid Afrika verkopen hun kerkgebouw en houden op te bestaan. Hier koos de krimpende gemeente voor iets anders. Ze vroegen dominee Des- mond om een zendingskerk te starten, voor de groeiende zwarte gemeenschap in Pretoria West. Zo staan geschiedenis en toekomst hier niet tegenover elkaar. Ze zitten naast elkaar, in dezelfde kerk. Op dezelfde zondag. De ene gemeente bewaart een geschiedenis; de andere bouwt aan wat komt. En ergens in het midden ontstaat iets nieuws.

Krimp en groei, pijn en dans, afscheid en groei, je vindt ze in twee diensten, onder één dak van één kerk. Op een gewone zondag in Pretoria West.

Een stad die van kleur verandert

Die Gereformeerde Kerke in Suid- Afrika (GKSA) ontstonden in 1859 als afscheiding van de Nederduitse Gereformeerde Kerk. De gemeente van Pretoria-Wes is gesticht in 1945; het kerkgebouw dateert uit 1951. De laatste jaren veranderde de samenstelling van de bevolking in dit deel van de Zuid-Afrikaanse hoofdstad: veel witte inwoners vertrokken, terwijl er veel zwarte Zuid-Afrikanen kwamen wonen. De gemeente heeft toen Desmond Magayisa beroepen als zendeling, om een nieuwe kerk te stichten. Hij is getrouwd en vader van drie jonge kinderen. Op dit moment valt dominee Desmond nog onder de kerkenraad van Pretoria-Wes. Er wordt gewerkt aan de vorming van een eigen kerkenraad, zodat de nieuwe gemeente op den duur op eigen benen komt te staan. Een aantal beoogde kerkenraadsleden draait nu in de witte kerkenraad mee. Zo groeit vanuit de krimpende GKSA-gemeente langzamerhand een nieuwe kerk.

About the Author